Agorafobie

Agorafobie

Lees hier meer over agorafobie

Agorafobie

Agorafobie

Lees hier meer over agorafobie

  • Agorafobie is een overmatige angst voor situaties buitenshuis
  • De gedachte dat je moeilijk kunt ontsnappen van een drukke plek of dat er geen hulp in de buurt is roept buitensporige angst op
  • Drukke ruimtes, afgesloten ruimtes en openbare plekken worden vermeden
  • Agorafobie wordt ook wel pleinvrees of straatvrees genoemd
  • Agorafobie is de meest voorkomende fobie, 1 tot 2 op de 100 mensen lijdt hieraan
  • Het komt twee keer vaker voor bij vrouwen dan bij mannen. Het komt ook voor bij kinderen

Agorafobie is een overmatige angst voor situaties buitenshuis, en wordt ook wel pleinvrees of straatvrees genoemd. Mensen met agorafobie kunnen zich angstig voelen in grote open ruimten, zoals een plein. Maar dat is niet altijd het geval. Agorafobie gaat ook samen met de angst voor andere situaties. Mensen met deze fobie voelen zich met name angstig in situaties waarin zij moeilijk kunnen ontsnappen of geen hulp kunnen krijgen. Ze zijn bang dat er iets ergs gebeurt of dat ze last krijgen van paniek, en dan niet snel weg kunnen. Autorijden en reizen met het openbaar vervoer worden vaak vermeden. De angst is buiten proportie in vergelijking met het werkelijke gevaar dat zich voor kan doen in die situatie.

Mensen met agorafobie ervaren vaak verschijnselen van paniek of hyperventilatie. Ze zijn bang dat zij in de situaties die angst oproepen, last krijgen van paniek en hyperventilatie. Hetzelfde kan gelden voor andere klachten die als gênant worden ervaren, zoals de angst voor urineverlies. Mensen met agorafobie durven doorgaans meer wanneer zij in gezelschap zijn van een vertrouwd iemand. Dan is er hulp aanwezig als zij de situatie niet meer aankunnen.

Agorafobie heeft ernstige gevolgen voor het psychosociaal functioneren. Meer dan een derde van de mensen met agorafobie komt helemaal niet meer buiten en is niet in staat om te werken. 

Agorafobie gaat vaak samen met gevoelens van somberheid en wanhoop. Soms is er zowel sprake van agorafobie als van een depressie. Maar soms hebben de depressieve gevoelens specifiek te maken met de fobie. 

Hieronder wordt een aantal criteria beschreven waaraan voldoen moet worden om de stoornis te kunnen stellen. Als eerste moet er een duidelijke angst of vrees zijn voor twee of meer van de volgende situaties:

  • Gebruikmaken van (openbaar) vervoer
  • Zich in een open ruimte bevinden
  • Zich in een afgesloten ruimte bevinden, zoals de bioscoop
  • In de rij staan of zich in een menigte bevinden
  • Alleen buitenshuis zijn

Daarnaast moet voldaan zijn aan de volgende criteria:

  • De persoon vreest of vermijdt deze situaties vanwege de gedachte dat ontsnappen moeilijk is of geen hulp aanwezig is als zich symptomen van paniek of andere gênante verschijnselen voordoen.
  • De angst of vrees is buiten proportie van het werkelijke gevaar.
  • De angst, vrees of vermijding is minstens zes maanden aanwezig, en geeft beperkingen in het dagelijks functioneren.
  • De angst, vrees of vermijding worden niet veroorzaakt door een andere psychische stoornis.

Naar schatting lijdt 1 tot 2 op de 100 mensen aan pleinvrees. Het komt het meest voor in de adolescentie en jongvolwassenheid, maar het kan ook al optreden tijdens de kinderjaren. Na het 65e levensjaar komt het veel minder voor. Vrouwen hebben twee keer zoveel kans om deze fobie te ontwikkelen dan mannen.

Bij agorafobie wordt in eerste instantie een psychologische behandeling geadviseerd. De meest gebruikte methode is die van exposure. Exposure houdt in dat je gaat leren om je angst te verdragen. De angst gaat misschien niet meer helemaal weg, maar je kunt wel leren om er beter mee om te gaan. Zo heeft het minder invloed op jouw dagelijks functioneren. 

Nemen de klachten onvoldoende af na exposuretherapie? Dan kun je erbij gebaat zijn om in therapie meer aandacht te gaan besteden aan onderliggende zaken die maken dat jij je angstig en onveilig voelt. Je paniekklachten staan waarschijnlijk het meest op de voorgrond, maar kunnen onderdeel zijn van een groter probleem waar je je wellicht onvoldoende bewust van bent. Een psycholoog kan jou helpen om hier meer overzicht in te krijgen.

Soms wordt er ook medicatie voorgeschreven om angstklachten te dempen. Dit werkt enkel als symptoombestrijding en is geen definitieve oplossing. Het kan je wel net het steuntje in de rug geven om spannende situaties vaker op te zoeken.

Wanneer jij verzekerde zorg krijgt (zorg die valt onder de basisverzekering) is een van de voorwaarden dat er een stoornis wordt vastgesteld. Alleen dan kan de zorg vergoed worden vanuit de basisverzekering. Alle psychiatrische stoornissen zijn verzameld in de DSM-5. De DSM-5 is het handboek voor de classificatie van psychische stoornissen.  

Een belangrijke kanttekening om bij de DSM-5 te maken is dat de stoornissen die hierin vermeld staan geen diagnoses zijn. De stoornis wordt beschreven aan de hand van een lijstje met symptomen. Voldoe je hieraan, dan 'heb' je deze stoornis. De stoornis of het label zegt alleen niets over hoe het komt dat je deze klachten ervaart. Het geeft geen verklaring.  

Voldoe jij aan de kenmerken van een stoornis? Dan is die stoornis dus niet de reden dat je klachten hebt, maar slechts een beschrijving van jouw klachten. Wat dan het doel is van het gebruik van de DSM? Het helpt om klachten in duidelijk afgebakende categorieën te kunnen plaatsen. Zo weten we met elkaar iets beter waar we over spreken en hoe we klachten willen behandelen. 

Wil jij meer lezen over de DSM-5 en hoe Psycholoog.nl hiermee omgaat? Klik dan hier. 

Herken je je in deze klacht of zou je meer willen weten? Je kunt direct contact opnemen met een van onze psychologen.

Twijfel je of heb je een vraag? Bel 085 273 3339 of plan een gratis adviesgesprek